Het is tijd om de namen van 's lands politieke partijen te herzien naar waar de partij daadwerkelijk voor staat.
Er zitten namelijk een aantal partijen tussen die niet (meer) handelen naar hun naam.
Om verwarring te voorkomen is het wel goed om de afkorting te behouden waaronder ze bekend zijn, maar dan met een andere betekenis.
Zo kan de VVD (Volkspartij voor Vrijheid en Democratie) totaal op de schop, aangezien 'Volkspartij', 'Vrijheid' en 'Democratie' alle drie niet passen in het beleid van de VVD.
Beter zou het veranderd kunnen worden in "Voor Veelverdieners en Diknekken".
De PvdA heette ooit "Partij van de Arbeid", maar met huichelaars en mensen die ons land liever in klein-Turkije zien veranderen is het niet meer echt een partij voor de hardwerkende arbeider in dit land.
Eerder is het een "Partij voor de Allochtonen", Partij van de Afbraak of "Pik van de Arbeiders".
De Partij voor de vrijheid zou ook zijn naam mogen veranderen.
Tenminste, in mijn ogen betekent 'vrijheid' dat iedereen mag zijn wie hij of zij is.
Maar dat is niet het geval bij de PVV, dus kan de naam wellicht gewijzigd worden in PTV (Partij tegen de vrijheid) of Partij voor verminderde vrijheid.
D66 lijkt nog steeds te kloppen, maar als je even bedenkt hoe Eurofiel deze partij is, dan blijft er niet zoveel over van de D (democratie) in D66. Het is dan meer '(EU)Deelstaat 66'.
Dan hebben we nog een aantal partijen die eigenlijk nog steeds een naam hebben die de lading dekt.
Zo blijft de SP nog altijd vrij adequaat: een socialistische partij.
Ook het CDA kan ik niet veel anders van maken, en ook SGP klopt nog altijd prima (Staatkundig Gereformeerde Partij).
Groenlinks mag dan wel geen groene mensen hebben, maar ze zijn wel links en voor duurzaamheid.
50plus kan ook 50 plus blijven, Partij voor de dieren is inderdaad een partij voor dierenwelzijn en nog wat andere standpunten om het geen one-issue-partij te maken en verder heb je nog wat kleine partijen waarvan ik niet zo heel veel weet.
Mijn stemkeuze? ik neig naar links, zeker na 6 jaar VVD, 7 jaar Balkenende en alle bezuinigingen op de zorg en andere sociale zekerheden.
Anderzijds zou ik in het plaatje van de PVV kunnen passen: tegen de huidige vorm van de EU en voor veel minder immigranten uit moslimlanden (in elk geval totdat moslims simpelweg milder worden zoals de meeste christenen van nu), maar ik vind Wilders toch teveel een provocerende roeptoeter met kinderachtige neigingen om mijn stem aan te geven.
Het gaat bij mij dus tussen SP (daar stemde ik op tijdens de verkiezingen voor de provinciale staten), Liberaal Democraten (een soort D'66 maar dan een kleine versie), Groenlinks (als tegengas tegen het VVD-eske consumeergedrag) en niet -danwel blanco stemmen.
maandag 29 juni 2015
De lol van het vertalen deel 2: namen van bedrijven.
Er is niets zo leuk als het vertalen van namen.
Een interessant ogende naam klinkt dan plots vrij maf of knullig.
Het foute uur onder de bedrijfsnamen: van bedrijven uit het dorp, bekende bedrijven in de rest van het land en uiteraard ook wat multinationals.
Uiteraard zitten hier namen tussen die een diepere betekenis hebben en dus ook heel goed gekozen zijn in dat opzicht, maar daar kijken we dan even niet naar.
Het overzicht is mogelijk gemaakt door bedrijven die één (of meerdere) vestiging in Nederland hebben.
In de categorie Engels:
Shell: Schelp
Greenchoice: Groenekeuze
The Sting: De Angel
Free Record Shop: Vrije opname winkel
Coolcat: Koelekat
Rituals: Rituelen
Men At Work: Mannen aan het werk
Name It: Noem het
Eye Wish: Oog Wens
Superdry: Superdroog
In het Frans:
La Place: Het plein
Ici Paris XL: Hier Parijs Extra groot
Papillon: Vlinder
Bedrijven met een kekke Italiaanse naam:
Capra Advocaten: Vrouwtjesgeit Advocaten
Lupo Collina: Wolf Heuvel
Vero Moda: Ware mode
Bacio Kids: Zoen Kinderen
Credo: (Ik) geloof
l'Armatura: Het pantser
Invito: Uitnodiging
La Ligna: De lijn
Vapiano: Rustig aan
Andere talen:
Xenos: Vreemd (Grieks)
Primera: Eerste (Spaans)
Een interessant ogende naam klinkt dan plots vrij maf of knullig.
Het foute uur onder de bedrijfsnamen: van bedrijven uit het dorp, bekende bedrijven in de rest van het land en uiteraard ook wat multinationals.
Uiteraard zitten hier namen tussen die een diepere betekenis hebben en dus ook heel goed gekozen zijn in dat opzicht, maar daar kijken we dan even niet naar.
Het overzicht is mogelijk gemaakt door bedrijven die één (of meerdere) vestiging in Nederland hebben.
In de categorie Engels:
Shell: Schelp
Greenchoice: Groenekeuze
The Sting: De Angel
Free Record Shop: Vrije opname winkel
Coolcat: Koelekat
Rituals: Rituelen
Men At Work: Mannen aan het werk
Name It: Noem het
Eye Wish: Oog Wens
Superdry: Superdroog
In het Frans:
La Place: Het plein
Ici Paris XL: Hier Parijs Extra groot
Papillon: Vlinder
Bedrijven met een kekke Italiaanse naam:
Capra Advocaten: Vrouwtjesgeit Advocaten
Lupo Collina: Wolf Heuvel
Vero Moda: Ware mode
Bacio Kids: Zoen Kinderen
Credo: (Ik) geloof
l'Armatura: Het pantser
Invito: Uitnodiging
La Ligna: De lijn
Vapiano: Rustig aan
Andere talen:
Xenos: Vreemd (Grieks)
Primera: Eerste (Spaans)
maandag 8 juni 2015
Meest toepasselijke (of onhandige) namen
Vroeger, toen men achternamen bedacht en daar vaak wel een beroep of eigenschap van een persoon voor gebruikte, was het geen bijzonderheid dat een achternaam heel toepasselijk was.
Door de jaren en alle vermengingen heen, talen die we steeds meer gingen gebruiken of die veranderden, plus het ontstaan van een breed scala aan nieuwe beroepen, zijn sommige achternamen opeens op een leuke manier heel toepasselijk geworden.
Het gaat hier niet om de befaamde schaamnamen, maar om achternamen die leuk combineren met het uiterlijk, eigenschappen of het beroep van de betreffende personen.
Humberto Tan bijvoorbeeld: zijn huidskleur past mooi bij de achternaam.
Hetzelfde kan gezegd worden van Bobby Brown.
Maar dat kan weer niet gezegd worden van Barry White en Jack Black.
Wielrenners kunnen ook de leukste namen hebben, want zo had je Marco Velo en Geert Omloop en ook Peter Winnen en deze Winnen wist wel eens een wedstrijd te Winnen.
Daarnaast had je ook een Emmanuele Sella (Sella is Italiaans voor zadel) en Dimitri Champion, Frans Kampioen wielrennen.
Scott Speed is een autocoureur en hoewel hij niet veel potten wist te breken in de Formule 1, is het uiteraard geen verkeerde naam als je carrière wil maken in een snelle sport.
Mooier nog: tijdens de Olympische Spelen in 2008 werd één van de gouden medailles in het schieten gehaald door een schutter met de treffende voornaam "Pang".
Bolt heten en dan een sprinter zijn is ook een droomcombinatie.
Hoewel het wemelt van de voetballers valt het me tegen hoeveel er zijn met een echt toepasselijke naam.
Bjorn van der Doelen schiet me te binnen, wist wel eens een balletje in het net te schieten en werd kampioen met PSV.
Ook Roelf-Jan Tiktak was een leuke naam die bij de sport past, maar de naam Kick van der Vall mag er ook wel wezen.
In de wat lagere regionen had je dan ook nog onder andere Remco van Gool en Mike van Gool, die hun namen tevens eer aan deden.
Minder gelukkig is het wanneer je piloot en luchtvaartdeskundige bent en je heet Benno Baksteen.
Dat staat vrij raar, wanneer je dan over vliegrampen (zoals MH17) staat te vertellen voor de TV.
Of Beenhakker heten en dan een zaak runnen in rolstoelen en andere middelen voor mensen die slecht ter been zijn.
Het zorgt zeker voor naamsbekendheid, want men lacht er om en plaatst het op social media.
Met een gouden handdruk vertrekken bij de Rabobank en Sipko Schat heten, dat staat natuurlijk wel leuk.
Of voorzitter zijn van de NV Westerscheldetunnel en 'Buis' heten, dat kan haast geen toeval zijn.
En of het in de familie zit weet ik niet, maar cabaretier zijn en dan Goedemondt heten, dat riekt ook weer wat naar een artiestennaam in plaats van een echte achternaam die ook door zijn opa werd gedragen.
Ergens loopt een oogarts rond met de niet zo opbeurende naam "I. C. Notting".
Als de oogarts al blind is, wat moet het dan met je vergaan als je je door diegene laat behandelen?
Een gynaecoloog met de naam Poeschmann is dan wel grappiger, de vraag is: hoeveel grappen zal die man al gehoord hebben?
Om te zwijgen over Edwin Kist, die een uitvaartverzorging runt.
Ook koddig is het wanneer iemand met de naam Bakker besluit de familietraditie een beetje te wijzigen en met vlees te gaan werken.
Zo krijg je het grappige "Bakker, uw slager" op de luifel van je zaakje.
maandag 1 juni 2015
Hoe het eens begon met 7th Sunday.
Tegenwoordig geldt het als één van de grotere dance feesten in Nederland: 7th Sunday.
Tienduizenden bezoekers, heel veel dj's en artiesten en een groots ogend festival qua aankleding.
En dat (of juist daar, want ruimte genoeg) in een weiland bij een boerengat in het oosten van Brabant, niet zo ver van waar ik geboren ben.
Uiteraard is dat ook niet in één keer zo groot geworden als het nu is.
Het begon in 2004 met een lokaal dancefeestje genaamd 'Pinksterpar-t'.
Op het weiland aan de Hackerom bij Keldonk.
Na een kleine pinksterparty in 2003 -meer een uit de hand gelopen vriendenfeest- pakt de organisatie het grootser aan en het vriendenfeest waar meer mensen op af kwamen dan verwacht werd een echt dancefeest.
Vergunningen moesten worden aangevraagd en meer dingen moesten goed geregeld worden zodat de eerste serieuze pinksterpar-t van start kon gaan.
De party krijgt 4 area's met regionaal -en wat bekender talent.
Zo draaien onder ander Zany, Deepack, Jochen Miller en Laidback Luke op de eerste Pinksterpar-t.
Trance, house, techno en hardstyle voor een slordige 4000 bezoekers.
Nu was het tijd om het feest dusdanig te laten zijn dat men volgend jaar weer terug zou komen en het liefst natuurlijk nog meer vrienden mee te nemen.
Het wordt een succes en in de daaropvolgende jaren wordt het feest inderdaad steeds ietsje groter.
Met een leuke mix van lokaal talent en grotere namen uit Brabant -of verder- ging het goed los.
Daarnaast onstond ook het harde broertje van het festival op zondag: Harmony of hardcore.
Een zaterdag met alleen maar hardcore, zoals de raves van de jaren '90.
In 2007 was ik er zelf voor het eerst bij en was het een aardig festival geworden.
Een mainstage, een aantal tenten en een grote Hardstyle-area besloegen het terrein.
De basis waarop het festival ieder jaar verder zou worden uitgebreid: een mainstage, een hardstyle-tent, een podium voor lokaal talent en een house-tent.
Aan de opstelling moest nog wat gesleuteld worden, want zo hoorde je in één van de housetenten de tonen van de Mainstage door de muziek heen en was in een andere tent -en dat was niet de hardstyle-tent, maar juist eentje waar nog vrij soft werd gedraaid- de muziek erg hard, mijn oren deden er pijn van.
Dat was ook wel de reden om bij latere feesten maar oordopjes in te doen.
De line-up was destijds al erg puik te noemen, met veel leuke dj's die hun best deden het publiek op te zwepen. Een enkele keer viel de muziek uit, wellicht nog kinderziektes van het nog vrij kleine festival.
Voor ons was DJ Remy de afsluiter, een goede dj die met zijn techno onze laatste energie liet wegdansen.
De editie van 2008 stond in het teken van het 5-jarig jubileum.
Duidelijk was te zien dat het alweer een stukje beter was geworden, met tenten en open stages die zo waren opgesteld dat de muziek nergens meer door elkaar ging.
De mainstage zag er strak uit en zo was ook de line-up.
Bij de ingang werd al duidelijk dat het de laatste keer 'Pinksterpar-t' zou zijn, want een spandoek vertelde ons dat de organisatie een nieuwe naam had bedacht voor de komende edities, die het publiek van verder dan Brabant zou moeten aantrekken.
Een naam die moest aansluiten op de aansprekende namen van bestaande grote festivals.
Omdat Pinksteren de zevende zondag na pasen is werd dit dus "7th Sunday".
En die naam zou ook wel eer aan gedaan worden, want zeker vanaf 2008 is het vrijwel ieder jaar heerlijk voorjaarsweer tijdens het festival.
2008 spande daarin wel de kroon, met temperaturen van ruim 25 graden.
Tijdens die editie was het veel heen -en weer lopen van mainstage naar de nieuwe area voor de technoliefhebber: Reboot.
Daar werd de hele dag lekkere techno gedraaid, terwijl op de mainstage onder meer de Crookers voor het betere losgaan zorgden.
Later stonden daar onder andere Marco V en Marcel Woods pompende trance te draaien.
De volgende dagen werden op youtube veel filmpjes geplaatst van de Crookers, waarmee wel duidelijk was dat veel mensen het optreden mooi vonden.
Met de nieuwe naam 7th Sunday werd het festival compleet omgebouwd.
Er kwam een flink stuk weiland bij en de ingang werd verplaatst naar de doorgaande weg tussen Keldonk en Erp aan De Roost.
Van circa 8000 bezoekers in 2008 werd de kaartverkoop opgeschroefd naar 13.000 in 2009.
Eentje daarvan zou ik zijn, maar door een ongeluk en een hersenschudding moest ik helaas afzien van een middagje feesten.

In 2010 kon ik er wel bij zijn en merkte meteen het verschil op met Pinksterpar-t 2008.
Het knusse, gezellige feestje had plaats gemaakt voor een echt groots festival.
Vergeleken met 2009 konden er nog eens 5000 extra bezoekers naar binnen (10.000 meer dan in 2008) en dat was ook wel te merken.
Helaas ook wel aan het feit dat de meeste mensen stil stonden en er dus weinig gedanst werd.
De mainstage was op zijn minst tweemaal groter en voor iedereen was er wel een podium om zijn of haar favoriete muziekstijl te zien, op -overigens jammer- trance na.
Maar vermaken deed ik me toch wel met Riva Starr, tot Joost van Bellen en Joris Voorn.
Enige tegenvallende act was Tocadisco, die dusdanig draaide dat je beter gewoon een jukebox op het podium had kunnen plaatsen.
Waar Pinksterpar-t destijds tot na 1u 's nachts doorging bleek 7th Sunday al een uur eerder te stoppen.
Wellicht een nadeeltje van het groter worden van het festival, want het ligt daardoor ook dichter bij de dorpskern van Erp en moet men wellicht rekening houden met de nachtrust van de niet-festivalgangers.
Die van Keldonk vermaken zich overigens iedere keer met de stroom van festivalgangers aan de deuren van hun huizen en nemen een stoeltje om op hun vrije zondag naar de partygangers te kijken.
Sommigen weten er ook een slaatje uit te slaan.
Nog groter wordt het aangepakt in 2011, met nog eens 12.000 bezoekers meer op het festival.
Voor mij het teken dat ik, ondanks de leuke muziek, ging twijfelen of ik hier nog vaker naartoe wilde gaan.
Ik miste persoonlijk wel het knusse van Pinksterpar-t en de grote hoeveelheid podia en dj's was me toch wat teveel.
Ben toch meer een mens van iets kleinere feesten, dat merkte ik dat jaar zeer zeker.
Het feit dat ik, met mijn nichtje en vrienden, bijna als enige danste op de mainstage tijdens sets van Funkagenda en Roger Sanchez, zei in mijn beleving ook veel.
Een keerzijde van een groot festival met veel jongeren die er meer komen om aan anderen te kunnen laten zien op social media dat ze er zijn geweest, terwijl de muziek een soort behang voor ze lijkt te zijn.
Toch ben ik nog naar de editie van 2012 gegaan en dat was voornamelijk omdat Dave Clarke zou komen.
Naast het losgaan op zijn stevige technoset was het ook feest in de Electrorush, alwaar ik heb staan springen tussen halfnaakte kerels op de beats van Dr. Lektroluv en Joost van Bellen.
Voor het eerst op 7th Sunday was ook het heuveltje (ofwel: oude vuilnisbelt) naast het festivalterrein betrokken in het feest.
Onder de naam "the mountain" was hier een aparte stage met een feestje in een festival.
Hierna ben ik niet meer naar 7th sunday gegaan, maar getuige de verslagen en beelden van het festival is het alleen maar professioneler en mooier geworden.
Het is dat het voor mij gewoon te massaal en groot is geworden, maar verder is het een prachtig festival.
Door ervaring van de organisatie en te leren van elke editie is het echt geworden wat het nu (en volgende jaren) is.
Tienduizenden bezoekers, heel veel dj's en artiesten en een groots ogend festival qua aankleding.
En dat (of juist daar, want ruimte genoeg) in een weiland bij een boerengat in het oosten van Brabant, niet zo ver van waar ik geboren ben.
Uiteraard is dat ook niet in één keer zo groot geworden als het nu is.
Het begon in 2004 met een lokaal dancefeestje genaamd 'Pinksterpar-t'.
Op het weiland aan de Hackerom bij Keldonk.
Na een kleine pinksterparty in 2003 -meer een uit de hand gelopen vriendenfeest- pakt de organisatie het grootser aan en het vriendenfeest waar meer mensen op af kwamen dan verwacht werd een echt dancefeest.
Vergunningen moesten worden aangevraagd en meer dingen moesten goed geregeld worden zodat de eerste serieuze pinksterpar-t van start kon gaan.
De party krijgt 4 area's met regionaal -en wat bekender talent.
Zo draaien onder ander Zany, Deepack, Jochen Miller en Laidback Luke op de eerste Pinksterpar-t.
Trance, house, techno en hardstyle voor een slordige 4000 bezoekers.
Nu was het tijd om het feest dusdanig te laten zijn dat men volgend jaar weer terug zou komen en het liefst natuurlijk nog meer vrienden mee te nemen.
Het wordt een succes en in de daaropvolgende jaren wordt het feest inderdaad steeds ietsje groter.
Met een leuke mix van lokaal talent en grotere namen uit Brabant -of verder- ging het goed los.
Daarnaast onstond ook het harde broertje van het festival op zondag: Harmony of hardcore.
Een zaterdag met alleen maar hardcore, zoals de raves van de jaren '90.
In 2007 was ik er zelf voor het eerst bij en was het een aardig festival geworden.
Een mainstage, een aantal tenten en een grote Hardstyle-area besloegen het terrein.
De basis waarop het festival ieder jaar verder zou worden uitgebreid: een mainstage, een hardstyle-tent, een podium voor lokaal talent en een house-tent.
Aan de opstelling moest nog wat gesleuteld worden, want zo hoorde je in één van de housetenten de tonen van de Mainstage door de muziek heen en was in een andere tent -en dat was niet de hardstyle-tent, maar juist eentje waar nog vrij soft werd gedraaid- de muziek erg hard, mijn oren deden er pijn van.
Dat was ook wel de reden om bij latere feesten maar oordopjes in te doen.
De line-up was destijds al erg puik te noemen, met veel leuke dj's die hun best deden het publiek op te zwepen. Een enkele keer viel de muziek uit, wellicht nog kinderziektes van het nog vrij kleine festival.
Voor ons was DJ Remy de afsluiter, een goede dj die met zijn techno onze laatste energie liet wegdansen.
De editie van 2008 stond in het teken van het 5-jarig jubileum.
Duidelijk was te zien dat het alweer een stukje beter was geworden, met tenten en open stages die zo waren opgesteld dat de muziek nergens meer door elkaar ging.
De mainstage zag er strak uit en zo was ook de line-up.
Bij de ingang werd al duidelijk dat het de laatste keer 'Pinksterpar-t' zou zijn, want een spandoek vertelde ons dat de organisatie een nieuwe naam had bedacht voor de komende edities, die het publiek van verder dan Brabant zou moeten aantrekken.
Een naam die moest aansluiten op de aansprekende namen van bestaande grote festivals.
Omdat Pinksteren de zevende zondag na pasen is werd dit dus "7th Sunday".
En die naam zou ook wel eer aan gedaan worden, want zeker vanaf 2008 is het vrijwel ieder jaar heerlijk voorjaarsweer tijdens het festival.
2008 spande daarin wel de kroon, met temperaturen van ruim 25 graden.
Tijdens die editie was het veel heen -en weer lopen van mainstage naar de nieuwe area voor de technoliefhebber: Reboot.
Daar werd de hele dag lekkere techno gedraaid, terwijl op de mainstage onder meer de Crookers voor het betere losgaan zorgden.
Later stonden daar onder andere Marco V en Marcel Woods pompende trance te draaien.
De volgende dagen werden op youtube veel filmpjes geplaatst van de Crookers, waarmee wel duidelijk was dat veel mensen het optreden mooi vonden.
Met de nieuwe naam 7th Sunday werd het festival compleet omgebouwd.
Er kwam een flink stuk weiland bij en de ingang werd verplaatst naar de doorgaande weg tussen Keldonk en Erp aan De Roost.
Van circa 8000 bezoekers in 2008 werd de kaartverkoop opgeschroefd naar 13.000 in 2009.
Eentje daarvan zou ik zijn, maar door een ongeluk en een hersenschudding moest ik helaas afzien van een middagje feesten.

In 2010 kon ik er wel bij zijn en merkte meteen het verschil op met Pinksterpar-t 2008.
Het knusse, gezellige feestje had plaats gemaakt voor een echt groots festival.
Vergeleken met 2009 konden er nog eens 5000 extra bezoekers naar binnen (10.000 meer dan in 2008) en dat was ook wel te merken.
Helaas ook wel aan het feit dat de meeste mensen stil stonden en er dus weinig gedanst werd.
De mainstage was op zijn minst tweemaal groter en voor iedereen was er wel een podium om zijn of haar favoriete muziekstijl te zien, op -overigens jammer- trance na.
Maar vermaken deed ik me toch wel met Riva Starr, tot Joost van Bellen en Joris Voorn.
Enige tegenvallende act was Tocadisco, die dusdanig draaide dat je beter gewoon een jukebox op het podium had kunnen plaatsen.
Waar Pinksterpar-t destijds tot na 1u 's nachts doorging bleek 7th Sunday al een uur eerder te stoppen.
Wellicht een nadeeltje van het groter worden van het festival, want het ligt daardoor ook dichter bij de dorpskern van Erp en moet men wellicht rekening houden met de nachtrust van de niet-festivalgangers.
Die van Keldonk vermaken zich overigens iedere keer met de stroom van festivalgangers aan de deuren van hun huizen en nemen een stoeltje om op hun vrije zondag naar de partygangers te kijken.
Sommigen weten er ook een slaatje uit te slaan.
Nog groter wordt het aangepakt in 2011, met nog eens 12.000 bezoekers meer op het festival.
Voor mij het teken dat ik, ondanks de leuke muziek, ging twijfelen of ik hier nog vaker naartoe wilde gaan.
Ik miste persoonlijk wel het knusse van Pinksterpar-t en de grote hoeveelheid podia en dj's was me toch wat teveel.
Ben toch meer een mens van iets kleinere feesten, dat merkte ik dat jaar zeer zeker.
Het feit dat ik, met mijn nichtje en vrienden, bijna als enige danste op de mainstage tijdens sets van Funkagenda en Roger Sanchez, zei in mijn beleving ook veel.
Een keerzijde van een groot festival met veel jongeren die er meer komen om aan anderen te kunnen laten zien op social media dat ze er zijn geweest, terwijl de muziek een soort behang voor ze lijkt te zijn.
Toch ben ik nog naar de editie van 2012 gegaan en dat was voornamelijk omdat Dave Clarke zou komen.
Naast het losgaan op zijn stevige technoset was het ook feest in de Electrorush, alwaar ik heb staan springen tussen halfnaakte kerels op de beats van Dr. Lektroluv en Joost van Bellen.
Voor het eerst op 7th Sunday was ook het heuveltje (ofwel: oude vuilnisbelt) naast het festivalterrein betrokken in het feest.
Onder de naam "the mountain" was hier een aparte stage met een feestje in een festival.
Hierna ben ik niet meer naar 7th sunday gegaan, maar getuige de verslagen en beelden van het festival is het alleen maar professioneler en mooier geworden.
Het is dat het voor mij gewoon te massaal en groot is geworden, maar verder is het een prachtig festival.
Door ervaring van de organisatie en te leren van elke editie is het echt geworden wat het nu (en volgende jaren) is.
Abonneren op:
Posts (Atom)
